Artikel 5 over de aangifteplicht strookt niet met het aangepaste invorderingsdecreet van 10 juni 2024:
‘De belastingplichtige ontvangt vanwege het gemeentebestuur een aangifteformulier dat door hem, behoorlijk ingevuld en ondertekend, vóór de erin vermelde vervaldatum moet worden teruggestuurd.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, is gehouden, uiterlijk op 31 augustus van het belastingjaar, aan het gemeentebestuur de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen.’
Overeenkomstig Artikel 7, §1 van het invorderingsdecreet bevat het belastingreglement de verplichting tot aangifte en vermeldt het de uiterste datum voor de indiening van de aangifte. Alle belastingplichtigen op wie een aangifteplicht rust zijn op die manier gehouden aan eenzelfde transparante aangiftedatum, los van de ontvangst van een aangifteformulier. Bijgevolg moet er in de eerste paragraaf van artikel 5 een uiterste datum worden toegevoegd, nu wordt er enkel een uiterste datum vermeld (uiterlijk 31 augustus) in het geval de belastingplichtige geen aangifteformulier heeft ontvangen. Het is onvoldoende dat de datum af te leiden is via het aangifteformulier.
"Voor de erin vermelde datum" wordt vervangen door "voor uiterlijk 31 augustus".
De gemeenteraad keurt de aanpassing aan het belastingreglement op de niet-bebouwde percelen gelegen in gebieden bestemd voor wonen, volgens het plannenregister en palend aan een openbare weg die voldoende is uitgerust, voor de dienstjaren 2026 tot en met 2031 goed.
In artikel 5 wordt de tekst "voor de erin vermelde vervaldatum" vervangen door "voor uiterlijk 31 augustus".
Het document "Aangepast belastingreglement op de niet-bebouwde gronden gelegen in gebieden bestemd voor wonen.pdf " in bijlage maakt integraal deel uit van deze beslissing.